ECLI:NL:OGAACMB:2019:100
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schorsing uitzettingsbevel wegens asielaanvraag op Aruba
Verzoeker, van Venezolaanse nationaliteit, verblijft sinds 22 juni 2011 zonder geldige verblijfstitel op Aruba. Op 3 augustus 2019 is hij aangehouden en is een uitzettingsbevel uitgevaardigd door de minister van Justitie, Veiligheid en Integratie. Verzoeker heeft bezwaar gemaakt en een verzoek tot schorsing van het uitzettingsbevel ingediend bij het Gerecht in Ambtenarenzaken.
De voorzieningenrechter overweegt dat de minister op grond van artikel 15 van Pro de Landsverordening toelating en uitzetting bevoegd is tot uitzetting van personen zonder geldige verblijfsvergunning. De vertrektermijn is in het bevel vastgesteld op nul dagen, wat wettelijk is toegestaan en gemotiveerd is. De indiening van een asielaanvraag leidt niet automatisch tot schorsing van het uitzettingsbevel, aangezien het vluchtelingenrechtelijke verbod op terugzending (refoulement) alleen een tijdelijke belemmering vormt totdat op het asielverzoek is beslist.
Verweerder heeft bevestigd dat verzoeker reeds is gehoord en dat spoedig een beslissing op de asielaanvraag volgt. Gezien deze omstandigheden is er geen grond voor schorsing van het uitzettingsbevel. Het verzoek wordt daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van het uitzettingsbevel wordt afgewezen.