Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
wijsthet verzoek
af.
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Verzoeker is ontslagen per 1 mei 2018 wegens plichtsverzuim in zijn functie als projectleider bij het Ministerie van VVRP. Hij maakte bezwaar tegen het ontslag en verzocht om een voorziening bij voorraad om loondoorbetaling en een benoemingsverbod van een ander in zijn functie te verkrijgen totdat in de bodemzaak is beslist.
Het Gerecht oordeelde dat verzoeker een spoedeisend belang had vanwege het verlies van loon, maar dat het ontslag gebaseerd was op een zorgvuldig tot stand gekomen SOAB-rapport waarin ernstige onregelmatigheden en plichtsverzuim waren vastgesteld. Verzoeker had voldoende gelegenheid gehad om zich te verantwoorden, maar gaf geen volledige openheid.
Een verbeterkans werd niet noodzakelijk geacht vanwege een eerdere strafrechtelijke veroordeling van verzoeker voor fraude. Hoewel het ontslagbesluit per abuis niet het woord "eervol" bevatte, leidde dit niet tot nietigverklaring. Het verzoek om voorziening bij voorraad werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorziening bij voorraad tegen het ongeschiktheidsontslag wordt afgewezen.