ECLI:NL:OGAACMB:2018:43
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot voorlopige voorziening tegen inhouding salaris ambtenaar
Verzoekster was met ingang van maart 2017 ter beschikking gesteld van een minister en werd daarna gesommeerd zich te melden bij de Dienst Openbare Werken (DOW) om haar werkzaamheden te hervatten. Ondanks meerdere sommatiebrieven en communicatie meldde zij zich niet bij de DOW, omdat zij in afwachting was van een overplaatsing naar een andere dienst. Verzoekster vroeg vervolgens om een voorlopige voorziening om haar salaris door te laten betalen, nadat haar salaris was stopgezet per 1 april 2018 vanwege het niet melden.
Het gerecht overwoog dat het 'no work, no pay'-beginsel van toepassing is en dat het niet melden zonder toestemming een opzettelijke nalatigheid is in strijd met de dienstplicht. Er was geen toestemming of mededeling van het bevoegd gezag dat verzoekster thuis mocht blijven in afwachting van de overplaatsing. Verzoekster had zich in ieder geval moeten melden om duidelijkheid te verkrijgen.
Daarom is het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen. Het bezwaar in de hoofdzaak heeft geen redelijke kans van slagen en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening om het salaris door te betalen wordt afgewezen.