ECLI:NL:OGAACMB:2018:42
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. Noordhuizen
- Rechtspraak.nl
Bezwaren tegen besluit over verlof en bezoldiging ambtenaar afgewezen
Klaagster maakte bezwaar tegen een landsbesluit waarin haar vrijstelling van dienst wegens bijzondere omstandigheden en de daarbij behorende bezoldiging over 2015 en 2016 werd geregeld. Zij stelde dat zij recht had op meer vakantiedagen en dat haar hersteldatum in activiteit onjuist was vastgesteld. Tevens voerde zij aan dat een ministeriële accordering van haar verlofsbezoldiging nagekomen moest worden en dat zij door de inkorting van haar bezoldiging schade leed.
Het gerecht oordeelde dat de Gouverneur als bevoegd gezag niet bevoegd was om bezoldigd verlof toe te kennen voor een periode langer dan wettelijk is toegestaan. De handgeschreven aantekening van de minister werd niet als besluit aangemerkt. Klaagster was terecht in activiteit hersteld vanaf 1 juli 2016 en bouwde vanaf dat moment opnieuw vakantie op. De vermeende hogere vakantiedagen en atv-dagen van klaagster waren onvoldoende onderbouwd en mogelijk onjuist.
Het bezwaar werd daarom ongegrond verklaard. De uitspraak werd gedaan door ambtenarenrechter W.J. Noordhuizen op 4 juni 2018. Klaagster kan tegen deze beslissing hoger beroep instellen binnen de wettelijke termijn.
Uitkomst: Het bezwaar van klaagster tegen het landsbesluit over haar verlof en bezoldiging wordt ongegrond verklaard.