ECLI:NL:OGAACMB:2018:13
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling schorsing ambtenaar wegens verdenking ernstig plichtsverzuim
In deze zaak is een ambtenaar geschorst op grond van een concrete verdenking van ernstig plichtsverzuim, waaronder diefstal en poging daartoe onder verzwarende omstandigheden. De ambtenaar maakte bezwaar tegen de schorsing en stelde dat zijn gedrag niet onacceptabel was en dat zijn uitingen slechts grappen waren.
Het gerecht overwoog dat het bevoegde gezag bevoegd is om een ordemaatregel te treffen wanneer het belang van de dienst dat vordert, en dat een concrete verdenking van ernstig plichtsverzuim doorgaans voldoende grond is voor schorsing. De schorsing was gebaseerd op een disciplinair onderzoek en de overgelegde Whatsapp-berichten en verklaringen vormden een redelijke grond voor de verdenking.
Het gerecht oordeelde dat de schorsing in het belang van de dienst was en dat het bezwaar ongegrond was. Wel werd benadrukt dat het rechtszekerheidsbeginsel vereist dat de schorsing niet langer duurt dan noodzakelijk, en dat het bevoegd gezag voortvarendheid moet betrachten bij het disciplinaire onderzoek.
De uitspraak werd gedaan door de rechter in ambtenarenzaken te Aruba op 12 maart 2018, waarbij tevens werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen dertig dagen.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de schorsing van de ambtenaar wegens een concrete verdenking van ernstig plichtsverzuim is ongegrond verklaard.