ECLI:NL:OGAACMB:2017:93
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.K. Engelbrecht
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek waarnemingstoelage voor ploegcommandant wegens ontbreken tijdelijke waarneming
Klager, benoemd in de functie van ploegcommandant, verzocht om een waarnemingstoelage met ingang van 1 mei 2002. Dit verzoek werd afgewezen omdat klager niet met tijdelijke waarneming van zijn functie was belast, zoals bedoeld in artikel 26 van Pro de Landsverordening ambtenarenrechtspraak (Lma).
Klager maakte bezwaar tegen deze beschikking. Het gerecht oordeelde dat klager ontvankelijk was in zijn bezwaar omdat het binnen de wettelijke termijn was ingediend. Inhoudelijk stelde het gerecht vast dat de functie van ploegcommandant een carrièrefunctie is waarbij de bezoldiging conform de carrièrelijn en bevorderingseisen verloopt, en dat klager pas met ingang van 1 juli 2012 aan deze bevorderingseisen voldeed.
Het beroep van klager op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat hij geen concrete voorbeelden gaf van collega’s die wel een waarnemingstoelage ontvingen. Het gerecht concludeerde dat de minister terecht had besloten dat klager geen recht had op de waarnemingstoelage en verklaarde het bezwaar ongegrond.
Uitkomst: Het bezwaar van klager tegen de afwijzing van het verzoek om waarnemingstoelage wordt ongegrond verklaard.