Uitspraak
1.Procesverloop
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.M. Coenraad strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
19 juni 2026.
Hoge Raad
Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam van 25 maart 2025, waarin het bewijsrecht van artikel 149 Rv Pro en volgende onverkort van overeenkomstige toepassing werd geacht in procedures op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz).
De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep moet worden verworpen. De Hoge Raad heeft de klachten van betrokkene beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de bestreden beschikking.
De Hoge Raad heeft geen motivering gegeven voor dit oordeel, omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De beschikking is op 19 juni 2026 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren C.E. du Perron, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons.
Uitkomst: Het cassatieberoep van betrokkene wordt verworpen zonder nadere motivering.