Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
19 juni 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak heeft de vader cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Den Haag betreffende het einde van de machtiging tot uithuisplaatsing en de vaststelling van de hoofdverblijfplaats van het kind. De moeder en de gezinsvoogdij-instelling (GI) hebben geen verweerschriften ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen, waarop de advocaat van de vader schriftelijk heeft gereageerd.
De Hoge Raad heeft de klachten van de vader beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking van het hof. De Hoge Raad heeft geen nadere motivering gegeven, omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De beschikking van het hof blijft daarmee in stand en het cassatieberoep wordt verworpen. De uitspraak is gedaan door de vicepresident en raadsheren van de Hoge Raad, en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de vader wordt verworpen en de beschikking van het hof blijft in stand.