Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:663

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 april 2026
Publicatiedatum
16 april 2026
Zaaknummer
25/04369
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 1:6 lid 1 WvggzArt. 6:1 lid 1 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen beschikking rechtbank Noord-Nederland in artikel 81 RO-zaken

Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 14 oktober 2025, die betrekking heeft op een zaak onder artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie (RO). De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep moet worden verworpen. De advocaat van betrokkene heeft schriftelijk gereageerd op deze conclusie.

De Hoge Raad heeft de klachten van betrokkene beoordeeld en geoordeeld dat deze niet kunnen leiden tot vernietiging van de beschikking. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.

De beschikking is op 17 april 2026 gegeven door de raadsheren C.E. du Perron (voorzitter), F.R. Salomons en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer A.E.B. ter Heide. Het cassatieberoep is verworpen, waarmee de beschikking van de rechtbank in stand blijft.

Uitkomst: Het cassatieberoep van betrokkene is verworpen, waardoor de beschikking van de rechtbank in stand blijft.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer25/04369
Datum17 april 2026
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: G.E.M. Later,
tegen
DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT NOORD-NEDERLAND,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de officier van justitie,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar
de beschikking in de zaak C/19/153541 / FA RK 25-2176 van de rechtbank Noord-Nederland van 14 oktober 2025.
Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van betrokkene heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, F.R. Salomons en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
17 april 2026.