Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de klacht
Vervolgens heeft het Hof geoordeeld dat de overschrijding van de redelijke termijn voor de fase van eerste aanleg volledig is toe te rekenen aan de bezwaarfase. Daarom heeft het Hof de Inspecteur veroordeeld tot een vergoeding van immateriële schade, vastgesteld op € 500. Het Hof heeft het hoger beroep in zoverre gegrond verklaard. Het heeft verder de Inspecteur veroordeeld in de kosten van beroepsmatig verleende rechtsbijstand die belanghebbende voor het beroep en het hoger beroep heeft gemaakt, en de Inspecteur opgedragen het door belanghebbende voor het beroep en het hoger beroep betaalde griffierecht te vergoeden.
De Staat zal worden veroordeeld tot een vergoeding van de immateriële schade van € 500 wegens overschrijding van de redelijke termijn die geldt voor de fase van beroep. Ook zal de Staat worden veroordeeld tot het vergoeden van de hiervoor in 2.3 bedoelde kosten.