Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:555

Hoge Raad

Datum uitspraak
7 april 2026
Publicatiedatum
1 april 2026
Zaaknummer
24/03688
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 416 lid 2 SvArt. 141 lid 1 SrArt. 302 lid 1 SrArt. 432 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak openlijke geweldpleging en medeplegen zware mishandeling

De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor openlijke geweldpleging en medeplegen van zware mishandeling. Tegen dit arrest stelde de verdachte cassatieberoep in bij de Hoge Raad.

De advocaat-generaal concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad heeft de klachten van de verdachte beoordeeld, maar oordeelde dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad zag geen noodzaak om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de klachten niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

De Hoge Raad bevestigde tevens de ontvankelijkheid van het hoger beroep en behandelde de vraag of het hoger beroep na rolzitting niet-ontvankelijk verklaard kon worden, gelet op de inhoud van de dagvaarding in hoger beroep. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en handhaafde het arrest van het gerechtshof.

De uitspraak werd gedaan door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter en de raadsheren C. Caminada en T.B. Trotman, op 7 april 2026.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling van verdachte voor openlijke geweldpleging en medeplegen van zware mishandeling.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/03688
Datum7 april 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 1 augustus 2024, nummer 21-001394-24, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat B. Kizilocak bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van [het hof/de rechtbank] beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
7 april 2026.