Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
17 maart 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De verdachte werd door de kantonrechter bij verstek veroordeeld voor onverzekerd rijden tot een geldboete, subsidiair hechtenis, en een rijontzegging. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in. Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 416 lid 2 Sv Pro, omdat geen grieven tegen het vonnis waren opgegeven.
De verdachte had echter een e-mail aan de griffie gestuurd waarin hij volmacht verleende tot het instellen van hoger beroep en daarin ook meldde niet aanwezig te kunnen zijn bij de zitting. Het hof oordeelde dat deze e-mail geen grief bevatte zoals bedoeld in artikel 410 lid 1 Sv Pro.
De Hoge Raad overweegt dat aan de formulering van grieven geen hoge eisen worden gesteld en dat ook een volmacht met een toelichting kan worden opgevat als grief. Het hof heeft daardoor een onjuiste rechtsopvatting gehanteerd. De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting wegens onjuiste rechtsopvatting over grieven in hoger beroep.