Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:203

Hoge Raad

Datum uitspraak
6 februari 2026
Publicatiedatum
5 februari 2026
Zaaknummer
25/01740
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Artikel 81 RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 1:94 lid 4 BWArt. 6:2 lid 2 BWArt. 1:87 lid 5 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in huwelijksvermogensrechtelijke geschil over schenkingen en pensioenafkoop

In deze zaak staat een geschil centraal over de vraag of schenkingen uit Italië zonder uitsluitingsclausule buiten de wettelijke gemeenschap van goederen vallen en over het vergoedingsrecht met betrekking tot een afgekocht pensioen voor een nominaal bedrag. De vrouw, verzoekster tot cassatie, betwistte de beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, dat haar vorderingen afwees.

De Hoge Raad verwijst voor het geding in feitelijke instanties naar eerdere beschikkingen van de rechtbank Midden-Nederland en het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep, waarop de vrouw schriftelijk heeft gereageerd.

De Hoge Raad heeft de klachten van de vrouw beoordeeld maar oordeelt dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking van het hof. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De beschikking is op 6 februari 2026 gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer A.E.B. ter Heide. Het cassatieberoep wordt verworpen.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking van het gerechtshof.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer25/01740
Datum6 februari 2026
BESCHIKKING
In de zaak van
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: de vrouw,
advocaat: N.C. van Steijn,
tegen
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de man,
advocaat: C.G.A. van Stratum.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikkingen in de zaken C/16/533109 / FA RK 22-23, C/16/533503 / FA RK 22-86 en C/16/557128 / FA RK 22-996 van de rechtbank Midden-Nederland van 23 januari 2023 en 17 november 2023;
b. de beschikking in de zaken 200.337.834 en 200.337.836.van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 4 februari 2025.
De vrouw heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De man heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de vrouw heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
6 februari 2026.