ECLI:NL:HR:2026:1279

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 juli 2026
Publicatiedatum
16 juli 2026
Zaaknummer
26/00088
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROWet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen beschikking rechtbank inzake medische verklaring en contra-expertise

Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Gelderland van 24 oktober 2025, waarin onder meer de aanwezigheid van een arts die een medische verklaring heeft afgelegd en het afwijzen van een verzoek om contra-expertise aan de orde waren.

Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep moet worden verworpen. De Hoge Raad heeft de klachten van betrokkene beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking.

De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel nader toe te lichten, omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De beschikking is op 17 juli 2026 door de vicepresident en raadsheren gegeven en in het openbaar uitgesproken door een raadsheer.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking van de rechtbank blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer26/00088
Datum17 juli 2026
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: G.E.M. Later,
tegen
CENTRUM INDICATIESTELLING ZORG,
gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: het CIZ,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/05/457738 / FA RK 25-3360 van de rechtbank Gelderland van 24 oktober 2025.
Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
Het CIZ heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.M. Coenraad strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van betrokkene heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren A.E.B. ter Heide en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.R. Salomons op
17 juli 2026.