Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
14 juli 2026.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 28 maart 2025. De verdachte werd veroordeeld voor de verkoop en verlengde uitvoer naar België van 3 kilogram amfetamine en 1 kilogram hennep, het bezit van diverse hoeveelheden harddrugs in zijn woning, en het voorhanden hebben van pepperspray en een pistool met kogelpatroon.
In cassatie heeft de advocaat-generaal geconcludeerd tot verwerping van het beroep, waarop de raadsheren van de verdachte schriftelijk hebben gereageerd. De Hoge Raad heeft de klachten van het cassatiemiddel beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof.
De Hoge Raad heeft geen nadere motivering gegeven omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. Het beroep is derhalve verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de gevangenisstraf van 30 maanden blijft in stand.