ECLI:NL:HR:2025:944
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende, een B.V., stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag. De griffier van de Hoge Raad wees belanghebbende bij aangetekende brief op de verschuldigdheid van griffierecht en stelde een betalingstermijn van vier weken. Deze brief werd volgens Track&Trace bezorgd op het opgegeven adres.
Ondanks deze kennisgeving werd het griffierecht niet betaald. De griffier plaatste vervolgens een bericht in het digitale dossier van belanghebbende, waarin gelegenheid werd geboden om te reageren op de niet-betaling. Deze kennisgeving werd ook per e-mail verzonden en is geacht ontvangen te zijn op 27 maart 2025.
Belanghebbende maakte geen gebruik van deze gelegenheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad zag geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. Het arrest werd op 13 juni 2025 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.