ECLI:NL:HR:2025:278

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 februari 2025
Publicatiedatum
14 februari 2025
Zaaknummer
23/04477
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 290.3 SvArt. 296.2 SvArt. 126ff.1 SvArt. 359a Sv
Verwijzingen
9 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak medeplegen opzettelijk vervoeren en voorbereiden productie drugs

In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van het opzettelijk vervoeren van 99,4 kilogram MDMA en medeplegen van voorbereidingshandelingen met betrekking tot de productie van amfetamine. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch had verdachte eerder veroordeeld. Tegen dit arrest stelde verdachte cassatieberoep in bij de Hoge Raad.

De verdediging voerde onder meer aan dat het horen van beperkt anonieme getuigen en de toepassing van het doorlaatverbod in strijd waren met het ondervragingsrecht, en stelde dat er sprake was van vormverzuimen die tot niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie, bewijsuitsluiting of strafvermindering zouden moeten leiden.

De Hoge Raad heeft deze klachten beoordeeld maar oordeelde dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten, is geen nadere motivering gegeven. Het cassatieberoep is derhalve verworpen.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling van verdachte voor medeplegen van drugshandel en productie.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer23/04477
Datum18 februari 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 9 november 2023, nummer 20-002240-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.C. van Paridon, advocaat in Rotterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
18 februari 2025.