ECLI:NL:HR:2025:244
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake terugbetaling douanerechten
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had een beschikking ontvangen inzake een verzoek om terugbetaling van douanerechten. Na een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland werd hoger beroep ingesteld door de Inspecteur bij het Gerechtshof Amsterdam. Het hof deed op 6 september 2022 uitspraak in deze zaak.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad tegen het arrest van het hof. De Staatssecretaris van Financiën diende een verweerschrift in. De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest.
De Hoge Raad motiveert zijn oordeel niet, omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten, zoals bedoeld in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen aanleiding voor veroordeling in proceskosten. Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam blijft in stand.