ECLI:NL:HR:2025:1656
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Belanghebbende, een B.V., stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland. De griffier van de Hoge Raad wees belanghebbende bij aangetekende brief op 16 juli 2025 op de verplichting tot betaling van griffierecht en stelde een termijn van vier weken voor betaling.
De brief werd volgens Track&Trace afgehaald, maar het griffierecht werd niet voldaan. Op 14 augustus 2025 plaatste de griffier een bericht in het digitale dossier van belanghebbende om alsnog een verklaring te geven voor het niet betalen. Tevens werd een kennisgeving naar het opgegeven e-mailadres verzonden. Belanghebbende maakte geen gebruik van deze gelegenheid.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens het niet voldoen aan de betalingseis. De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en sprak het arrest uit op 7 november 2025.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.