ECLI:NL:HR:2025:1653
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-digitaal indienen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag. Volgens het Inwerkingtredingsbesluit digitaal procederen in bestuursrechtelijke cassatieprocedures is een rechtspersoon verplicht het beroepschrift digitaal in te dienen via het webportaal van de Hoge Raad.
De griffier van de Hoge Raad verzocht belanghebbende bij aangetekende brief om het beroepschrift alsnog digitaal in te dienen binnen vier weken. Deze brief werd afgeleverd, maar belanghebbende gaf geen gehoor aan dit verzoek.
De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:36a, lid 5, Awb vanwege het niet naleven van de digitale indieningsplicht. De Hoge Raad liet het in het midden of het onbetaald laten van het griffierecht verschoonbaar was. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet digitaal indienen van het beroepschrift.