Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
4.Beslissing
30 september 2025.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch over een verdachte betrokken bij een metamfetaminelab in Westdorpe. De verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van het bewerken van metamfetamine en voorbereidingshandelingen, alsmede het aanwezig hebben van grote hoeveelheden van de drug.
De Hoge Raad beoordeelde twee cassatiemiddelen: het eerste betrof een bewijsklacht over het opzet bij voorbereidingshandelingen, dat niet tot vernietiging leidde. Het tweede middel betrof een overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM Pro, vanwege te late verzending van stukken door het hof en een lange duur van het cassatieproces.
De Hoge Raad stelde vast dat de redelijke termijn was overschreden en dat dit een strafvermindering rechtvaardigde. Daarom vernietigde de Hoge Raad het hofarrest uitsluitend voor de strafduur en verminderde de gevangenisstraf met vier jaar tot een duur van drie jaar en tien maanden. Het beroep werd voor het overige verworpen.
Het arrest werd gewezen door de vice-president Borgers en raadsheren Van Strien en Trotman, en uitgesproken op 30 september 2025.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot drie jaar en tien maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn.