ECLI:NL:HR:2025:1241

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 september 2025
Publicatiedatum
5 september 2025
Zaaknummer
23/00696
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 231.1 SrArt. 231.2 SrArt. 359.2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende motivering afwijking bewijsidentificatie gebruiker telefoonnummer

De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag waarin verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van valselijk opmaken en voorhanden hebben van een vervalst Belgisch paspoort. Centraal stond de identificatie van verdachte als gebruiker van een telefoonnummer dat in afgeluisterde telefoongesprekken werd genoemd.

De verdediging voerde uitdrukkelijk aan dat verdachte niet de persoon was die in de gesprekken als “Jamal” voorkwam en betwistte de betrouwbaarheid van de stemherkenning door een tolk. Het hof week af van dit standpunt zonder in de motivering specifiek in te gaan op de door de verdediging aangevoerde bezwaren, zoals vereist op grond van artikel 359 lid 2 Sv Pro.

De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet heeft voldaan aan de motiveringsplicht en vernietigt het arrest. De zaak wordt terugverwezen naar het hof Den Haag voor een nieuwe berechting en beslissing, waarbij het hof de motivering van de bewijswaardering adequaat moet geven.

De overige cassatiemiddelen behoeven geen bespreking vanwege de vernietiging. Het arrest is gewezen door de vice-president Borgers en raadsheren Trotman en Kuiper op 9 september 2025.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer23/00696
Datum9 september 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 9 februari 2023, nummer 22-002327-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat J. Zevenboom bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt dat het hof in strijd met artikel 359 lid Pro 2, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering niet in het bijzonder de redenen heeft opgegeven waarom het is afgeweken van een door de verdediging naar voren gebracht uitdrukkelijk onderbouwd standpunt dat in de kern inhoudt dat de verdachte niet de persoon is die in de afgeluisterde telefoongesprekken voorkomt als “ [naam] ” omdat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte de gebruiker van het betreffende telefoonnummer was.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.2 tot en met 2.9.

3.Beoordeling van de overige cassatiemiddelen

Gelet op de beslissing die hierna volgt, is bespreking van het eerste en het derde cassatiemiddel niet nodig.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T.B. Trotman en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
9 september 2025.