Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
De strekking van artikel 354a Sv is dat nu de oorspronkelijk opgelegde straf niet ten uitvoer kon worden gelegd, daarmee door de strafrechter rekening moet worden gehouden bij het bepalen van de strafmodaliteit. Door de raadsman is naar voren gebracht dat de verdachte geen werk of inkomen heeft.
Nu niet gebleken is dat de verdachte over een inkomen beschikt, zal het hof aan de verdachte in plaats van de overwogen geldboete van € 1.000,- een taakstraf opleggen van 40 uur.
2. Indien de strafbeschikking reeds geheel of ten dele ten uitvoer is gelegd, dan houdt de rechtbank daar bij het bepalen van de op te leggen straf of maatregel rekening mee.”
(...)
(Kamerstukken II 2004/05, 29849, nr. 3, p. 18, 78 en 79.)
4.Beslissing
14 mei 2024.