ECLI:NL:HR:2024:1632

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 november 2024
Publicatiedatum
8 november 2024
Zaaknummer
22/02011
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416.2 SvArt. 279.1 SrArt. 304.1.1 SrArt. 300.1 Sr
Verwijzingen
7 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onterecht niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep in zaak medeplegen onttrekking en mishandeling

De verdachte werd door het gerechtshof Den Haag veroordeeld voor medeplegen van onttrekking aan het gezag van zijn minderjarige dochter en mishandeling. Tegen dit arrest stelde de verdachte cassatieberoep in. Het hof had het hoger beroep van verdachte niet-ontvankelijk verklaard omdat volgens het hof geen schriftuur houdende grieven was ingediend. De verdachte had echter tijdig grieven via een beveiligd e-mailsysteem ('zivver') ingediend, welke door het hof niet waren meegewogen.

De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof voor een nieuwe berechting. De Hoge Raad oordeelde dat er een ernstig vermoeden bestaat dat de grieven tijdig zijn ingediend en geaccepteerd door het hof, waardoor het niet-ontvankelijk verklaren onterecht was.

De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag om het hoger beroep opnieuw te behandelen en af te doen. Hiermee wordt de verdachte alsnog in de gelegenheid gesteld zijn grieven inhoudelijk te laten beoordelen.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting van het hoger beroep.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/02011
Datum12 november 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 18 mei 2022, nummer 22-002639-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft I. Car, advocaat in Rotterdam, bij schriftuur en aanvullende schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Den Haag teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel keert zich tegen de niet-ontvankelijkverklaring door het hof van het door de verdachte ingestelde hoger beroep.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
12 november 2024.