ECLI:NL:HR:2024:138
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Belanghebbende heeft bij de Hoge Raad beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende op 20 oktober 2023 schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn van vier weken gesteld voor de betaling.
De aangetekende brief is afgeleverd op het opgegeven adres, maar het griffierecht is niet voldaan. Vervolgens heeft de griffier op 21 november 2023 belanghebbende digitaal in de gelegenheid gesteld om een verklaring te geven voor het niet-betalen van het griffierecht, met een kennisgeving aan het opgegeven e-mailadres.
Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze gelegenheid. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en spreekt het arrest uit op 2 februari 2024.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.