ECLI:NL:HR:2024:1239
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake dividendbelastingbeschikkingen
Belanghebbende heeft bij de Hoge Raad beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 18 oktober 2023, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen uitspraken van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant inzake beschikkingen over dividendbelasting heeft behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad heeft daarbij geen nadere motivering gegeven, omdat de klachten geen vragen opriepen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Ten aanzien van de proceskosten heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen. Het arrest is gewezen door raadsheren Faase, Cools en Peters en in het openbaar uitgesproken op 20 september 2024.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en het hofarrest bevestigd.