ECLI:NL:HR:2024:1237
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake dividendbelastingbeschikkingen
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch over beschikkingen met betrekking tot dividendbelasting. De zaak betreft meerdere nummers en volgt op eerdere uitspraken van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, is geen nadere motivering vereist volgens artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad ziet geen reden om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is op 20 september 2024 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Faase, Cools en Peters.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het hof blijft in stand.