ECLI:NL:HR:2024:1234
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake dividendbelastingbeschikkingen
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende beschikkingen inzake dividendbelasting. De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten, is geen nadere motivering vereist.
De Hoge Raad heeft tevens besloten geen proceskosten toe te wijzen aan partijen. Het arrest is uitgesproken door de raadsheren Faase, Cools en Peters, en de waarnemend griffier Cichowski op 20 september 2024. Hiermee blijft de uitspraak van het hof in stand en wordt het beroep van belanghebbende afgewezen.
Deze uitspraak bevestigt de rechtsgeldigheid van de dividendbelastingbeschikkingen en onderstreept het belang van het artikel 81 lid 1 Wet Pro op de rechterlijke organisatie bij de beoordeling van cassatieklachten.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond en bevestigt daarmee de uitspraak van het hof.