Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
In aanmerking genomen dat het hof heeft vastgesteld dat de mededeling van de verdachte aan [verbalisant 1] dat die [verbalisant 1] de zoon van de verdachte moest ‘laten gaan zonder hem te laten blazen’, door de verdachte werd gedaan tezamen met zijn aankondiging dat hij in dat geval ‘geen zaak’ tegen [verbalisant 1] over de aanrijding zou beginnen en dat [verbalisant 1] zich door die mededeling ‘in een hoek gedrukt’ voelde, getuigt het oordeel van het hof dat de door de verdachte geuite bewoordingen een ‘bedreiging met een andere feitelijkheid’ opleveren, mede in het licht van de onder 2.3.3 weergegeven wetsgeschiedenis, niet van een onjuiste rechtsopvatting en is het toereikend gemotiveerd. De omstandigheid dat de verdachte - zoals ieder ander - de mogelijkheid had desgewenst een klacht in te dienen naar aanleiding van het optreden van een politieambtenaar, maakt dat niet anders.
3.Beslissing
13 juni 2023.