Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
2 juni 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak vordert eiser schadevergoeding wegens letsel opgelopen door een val door een voordeur die niet was voorzien van veiligheidsglas. De rechtbank Limburg wees de vordering af, waarna het gerechtshof 's-Hertogenbosch het vonnis bevestigde. Eiser stelde vervolgens cassatieberoep in tegen het arrest van het hof.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat de klachten van eiser niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het hof nader te toetsen, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt eiser in de proceskosten van de cassatieprocedure. Hiermee blijft de eerdere uitspraak van het hof in stand dat de woningstichting Maasvallei niet aansprakelijk is voor de schade van eiser.
De zaak betreft onder meer de toepassing van het kelderluikcriterium en de NEN-norm bij de beoordeling van de zorgplicht van de verhuurder ten aanzien van veiligheidsglas in een voordeur. De Hoge Raad geeft geen inhoudelijke motivering, waardoor het arrest vooral bevestigend is voor de rechtspraak in letselschadezaken met vergelijkbare omstandigheden.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.