Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste en het tweede cassatiemiddel
3.Beoordeling van het derde cassatiemiddel
4.Beslissing
19 december 2023.
Hoge Raad
De verdachte werd door het hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor wederspannigheid met enig lichamelijk letsel tegen buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA's) tijdens een treincontrole vanwege het niet dragen van een mondkapje. Het hof legde een taakstraf van 30 uur op, zonder daarnaast een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel.
De Hoge Raad oordeelde dat deze strafoplegging in strijd is met artikel 22b lid 1 sub b van het Wetboek van Strafrecht, dat een zogenaamd taakstrafverbod inhoudt voor bepaalde misdrijven waaronder art. 181 Sr Pro (wederspannigheid met letsel). Volgens de wetgever moet bij deze misdrijven een taakstraf alleen worden opgelegd in combinatie met een vrijheidsstraf of maatregel.
Desondanks verwierp de Hoge Raad het cassatieberoep omdat de verdachte onvoldoende belang had bij de klacht over het taakstrafverbod. De wetgever beoogt met het verbod de ernst van het misdrijf te onderstrepen en de bescherming van publieke dienstverleners te waarborgen. De Hoge Raad bevestigde dat het opleggen van een kale taakstraf in strijd is met de wet, maar dat dit niet automatisch leidt tot vernietiging als de verdachte dit niet voldoende onderbouwd aanvoert.
De zaak werd niet vernietigd en het beroep werd verworpen. Het arrest werd gewezen door de vice-president Borgers en raadsheren Kuijer en Trotman op 19 december 2023.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de taakstraf van 30 uur blijft in stand ondanks strijd met het taakstrafverbod.