ECLI:NL:HR:2023:1417

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 oktober 2023
Publicatiedatum
9 oktober 2023
Zaaknummer
21/05012
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2.1 Landsverordening toezicht geldtransactiekantoren
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onduidelijkheid over periode wederrechtelijk verkregen voordeel

De zaak betreft een cassatieberoep tegen een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba over een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Het hof had geoordeeld dat het geschatte wederrechtelijk voordeel was verkregen door middel van of uit baten van bewezenverklaarde feiten, waaronder valsheid in geschrift en overtreding van de Landsverordening toezicht geldtransactiekantoren.

Echter, het hof had het voordeel toegerekend over een langere periode (2011-2015) dan de periode waarin de delicten bewezen waren verklaard. De Hoge Raad oordeelt dat het hof dit niet zonder meer mag doen en dat het oordeel daarom niet kan blijven staan. De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging en terugwijzing van de zaak.

De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en wijst de zaak terug naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie voor een nieuwe beoordeling en afdoening. De uitspraak is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en uitgesproken in openbare terechtzitting.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe berechting.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/05012 PC
Datum17 oktober 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 18 november 2021, nummer H 209/2019, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,
hierna: de betrokkene.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft F.P. Slewe, advocaat te Schiphol, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat het wederrechtelijk voordeel door de betrokkene is verkregen door middel van of uit de baten van de in de strafzaak onder 2, 3 en 4 bewezenverklaarde feiten, terwijl de periode waarin die delicten volgens de bewezenverklaring plaatsvonden een kortere periode bestrijkt dan de periode waarin dat voordeel volgens het hof is verkregen.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 8 tot en met 12.

3.Beoordeling van de overige cassatiemiddelen

Gelet op de beslissing die hierna volgt, is bespreking van de overige cassatiemiddelen niet nodig.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
17 oktober 2023.