ECLI:NL:HR:2023:1252

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 september 2023
Publicatiedatum
15 september 2023
Zaaknummer
22/03019
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake WOZ-beschikking 2018

Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 juli 2022, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een WOZ-beschikking voor het jaar 2018 betreffende een onroerende zaak te [Z] heeft behandeld.

De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Daarbij heeft de Hoge Raad geen motivering gegeven, omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.

Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en heeft het arrest op 15 september 2023 in het openbaar gewezen door de raadsheren J. Wortel, P.A.G.M. Cools en A.E.H. van der Voort Maarschalk.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof bevestigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer22/03019
Datum15 september 2023
ARREST
in de zaak van
[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 juli 2022, nr. 21/00474, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Limburg (nr. ROE 19/605) betreffende de ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken voor het jaar 2018 betreffende de onroerende zaak [a-straat 1] te [Z].

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld.

2.Beoordeling van de klachten

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren P.A.G.M. Cools en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 15 september 2023.