Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2023:1017

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 juli 2023
Publicatiedatum
30 juni 2023
Zaaknummer
21/03171
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 300 SrArt. 41 lid 1 SrArt. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in mishandelingszaak met noodweerverweer

In deze strafzaak stond de mishandeling centraal waarbij de verdachte werd beschuldigd van het slaan van de aangever in het gezicht tijdens een stadsfestival in Deventer. De verdachte voerde noodweer aan op grond van artikel 41 lid 1 Sr Pro, stellende dat de aangever de confrontatie had opgezocht waardoor sprake was van een noodweersituatie.

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde echter dat de door de verdachte aangevoerde feitelijke toedracht niet aannemelijk was geworden, waardoor het noodweerverweer werd verworpen. De verdachte stelde hiertegen beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft het cassatiemiddel beoordeeld maar vond geen gronden voor vernietiging van het arrest van het hof. Daarbij was het niet nodig om inhoudelijk in te gaan op de rechtsvragen, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

Het beroep werd derhalve verworpen en het arrest van het hof bleef in stand. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, tijdens een openbare terechtzitting op 4 juli 2023.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/03171
Datum4 juli 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 juli 2021, nummer 21-000578-20, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.B.W.G. Beutener, advocaat te Deventer, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal P.M. Frielink heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
4 juli 2023.