ECLI:NL:HR:2022:966

Hoge Raad

Datum uitspraak
28 juni 2022
Publicatiedatum
28 juni 2022
Zaaknummer
20/03938
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3.37 Wet natuurbeschermingArt. 3.38 Wet natuurbeschermingArt. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak medeplegen illegale uitvoer glasaal

In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor medeplegen van het opzettelijk overtreden van artikel 3.37 en 3.38 van de Wet natuurbescherming door illegale uitvoer van glasaal naar China.

De verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof had nagelaten te beslissen op een verzoek om getuigen te horen en dat het hof niet had gereageerd op het beroep op afwezigheid van alle schuld. De advocaat-generaal concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad heeft de klachten van de verdachte beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten, is geen nadere motivering gegeven.

Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren van de strafkamer van de Hoge Raad en uitgesproken op 28 juni 2022. Het cassatieberoep is verworpen, waarmee het arrest van het hof Amsterdam van 13 november 2020 in stand blijft.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor medeplegen van illegale uitvoer van glasaal.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/03938 E
Datum28 juni 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam, economische kamer, van 13 november 2020, nummer 23-001529-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (de Hoge Raad begrijpt: [geboorteplaats]) op [geboortedatum] 1990
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.W. Koevoets, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
28 juni 2022.