ECLI:NL:HR:2022:540
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingzaak personenauto's en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam. Deze uitspraak betrof het hoger beroep over door belanghebbende op aangifte voldane belastingbedragen voor personenauto's en motorrijwielen. De Staatssecretaris van Financiën trad op als verweerder in deze zaak.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad zag geen noodzaak om de gronden van dit oordeel nader te motiveren, omdat de zaak geen vragen bevat die relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Ten aanzien van de proceskosten besloot de Hoge Raad geen veroordeling op te leggen. Uiteindelijk verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie ongegrond en bevestigde daarmee het arrest van het Gerechtshof Amsterdam. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 8 april 2022.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam blijft in stand.