2.1.1 Belanghebbende heeft bij de gemeente waar hij als inwoner ingeschreven stond, opgaaf gedaan van zijn emigratie naar Polen per 2 januari 1997.
De Inspecteur heeft op 13 juni 1997 aan het bij hem bekende adres van belanghebbende in Polen een formulier “Opgaaf Informatie emigratie belanghebbende” gezonden met daarbij een aangiftebiljet voor de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (hierna: IB/PVV) voor 1997 “Bij overlijden of emigratie”.
2.1.2 De Inspecteur heeft het hiervoor in 2.1.1 bedoelde aangiftebiljet ingevuld van belanghebbende terugontvangen. Belanghebbende heeft op dat biljet een inkomen van nihil aangegeven. Hij heeft daarbij vermeld dat het op het aangiftebiljet ingevulde adres in Polen niet juist is en in plaats daarvan een ander adres in Polen opgegeven (hierna: het Poolse adres).
2.1.3 Bij brief van 9 november 2000 heeft de Inspecteur belanghebbende meegedeeld voornemens te zijn het in de aangifte IB/PVV vermelde inkomen van nihil te corrigeren. De Inspecteur heeft deze brief per post zowel normaal als aangetekend naar het Poolse adres verstuurd. De aangetekend verzonden brief is op 28 november 2000 onbestelbaar retour ontvangen. De Inspecteur heeft geen reactie op de per gewone post verzonden brief ontvangen.
2.1.4 De Inspecteur heeft het door belanghebbende aangegeven inkomen van nihil gecorrigeerd en ten name van belanghebbende een aanslag IB/PVV voor het jaar 1997 vastgesteld (hierna: de aanslag IB/PVV). Op 7 december 2000 is het op 29 december 2000 gedagtekende aanslagbiljet voor deze aanslag (hierna: het aanslagbiljet IB/PVV) per aangetekende post verzonden naar het Poolse adres. De Inspecteur heeft het poststuk op 8 januari 2001 onbestelbaar retour ontvangen.
Met dagtekening 23 maart 2001 is per aangetekende post een aanmaning voor de betaling van de aanslag IB/PVV naar het Poolse adres verzonden. Dat poststuk is begin mei 2001 eveneens door de Inspecteur onbestelbaar retour ontvangen.
2.2.1 Voor het Hof was onder meer in geschil of de aanslag IB/PVV tijdig is opgelegd.
2.2.2 Het Hof heeft geoordeeld dat de aanslag IB/PVV door toezending aan het Poolse adres op de voorgeschreven wijze aan belanghebbende is bekendgemaakt. De Inspecteur heeft aannemelijk gemaakt dat de aanslag IB/PVV op 7 december 2000 per aangetekende post naar het Poolse adres is verzonden, aldus het Hof.
2.2.3 Het Hof heeft vervolgens geoordeeld dat de aanslag IB/PVV binnen de in artikel 11, lid 3, AWR bedoelde termijn van drie jaren is opgelegd, omdat die aanslag op 7 december 2000 op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt met de terpostbezorging van het aanslagbiljet IB/PVV aan het Poolse adres. Het niet bekend worden van de aanslag IB/PVV bij belanghebbende is niet te wijten aan een verkeerde adressering of een andere fout van de Inspecteur, aldus het Hof.