ECLI:NL:HR:2022:1829

Hoge Raad

Datum uitspraak
6 december 2022
Publicatiedatum
7 december 2022
Zaaknummer
22/00057
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 437 lid 2 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep cassatie mishandeling met dood tot gevolg

In deze strafzaak werd verdachte verdacht van mishandeling met de dood tot gevolg, gepleegd in 2020 te Simpelveld. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch had verdachte eerder veroordeeld. Verdachte stelde cassatieberoep in bij de Hoge Raad, maar stelde geen cassatiemiddelen op.

De Hoge Raad beoordeelde vervolgens de ontvankelijkheid van het beroep. Volgens artikel 437 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering moet een advocaat namens de verdachte binnen een bepaalde termijn schriftelijk cassatiemiddelen indienen. Deze verplichting was niet nagekomen.

Daarom kon de Hoge Raad het beroep niet inhoudelijk behandelen en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Het arrest werd gewezen door raadsheer C. Caminada op 6 december 2022.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet indienen van cassatiemiddelen.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/00057
Datum6 december 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 24 december 2021, nummer 20-000212-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1956,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Cassatiemiddelen zijn namens deze niet voorgesteld.

2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De wet bepaalt binnen welke termijn een advocaat namens de verdachte een schriftuur met cassatiemiddelen (klachten) bij de Hoge Raad moet indienen. Aan die verplichting is niet voldaan. Het gevolg daarvan is dat de Hoge Raad het beroep van de verdachte niet in behandeling kan nemen (zie artikel 437 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering).

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
6 december 2022.