ECLI:NL:HR:2022:112

Hoge Raad

Datum uitspraak
1 februari 2022
Publicatiedatum
2 februari 2022
Zaaknummer
21/01931
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Peek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 437 lid 2 SvArt. 287 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep cassatie poging tot doodslag in Venlo

In deze zaak gaat het om een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende poging tot doodslag in 2017 tijdens een caféruzie in Venlo. Verdachte had geen cassatiemiddelen ingediend binnen de wettelijke termijn.

De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het beroep en constateerde dat de wettelijke vereiste voor het indienen van cassatiemiddelen niet was nageleefd. Hierdoor kon het beroep niet inhoudelijk worden behandeld.

De Hoge Raad verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en bevestigde daarmee het arrest van het gerechtshof. De uitspraak werd gedaan door raadsheer E.S.G.N.A.I. van de Griend op 1 februari 2022.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet indienen van cassatiemiddelen.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/01931
Datum1 februari 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 3 mei 2021, nummer 20-002426-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Cassatiemiddelen zijn namens deze niet voorgesteld.

2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De wet bepaalt binnen welke termijn een advocaat namens de verdachte een schriftuur met cassatiemiddelen (klachten) bij de Hoge Raad moet indienen. Aan die verplichting is niet voldaan. Het gevolg daarvan is dat de Hoge Raad het beroep van de verdachte niet in behandeling kan nemen (zie artikel 437 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering).

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
1 februari 2022.