ECLI:NL:HR:2021:858

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 juni 2021
Publicatiedatum
9 juni 2021
Zaaknummer
20/00009
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt arrest over tekortkoming en uitleg overeenkomst hotelexploitatie

In deze zaak stond een geschil centraal over een overeenkomst tussen een exploitant van een hotel/congrescentrum en nieuwe investeerders. Readen c.s. hadden tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden beroep in cassatie ingesteld. Het geschil betrof onder meer de vraag of sprake was van tekortkoming en schuldeisersverzuim, de uitleg van de overeenkomst, en de kwalificatie van een partij als formeel buitenlandse vennootschap.

De Hoge Raad heeft de klachten van Readen c.s. beoordeeld en geoordeeld dat deze niet kunnen leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad heeft daarbij geen nadere motivering gegeven, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen en Readen c.s. veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van verweerder nihil zijn begroot. Hiermee is het arrest van het hof bekrachtigd en blijft de eerdere uitspraak in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Readen c.s. wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer20/00009
Datum11 juni 2021
ARREST
In de zaak van
1. READEN HOLDING CORPORATION LTD.,
gevestigd te Henderson, Nevada, Verenigde Staten van Amerika,
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],
3. [eiser 3],
wonende te [woonplaats], België,
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: Readen c.s.,
advocaat: J. de Jong van Lier,
tegen
[verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: [verweerder],
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/16/421048/HA ZA 16-591 van de rechtbank Midden-Nederland van 28 december 2016, 22 februari 2017 en 31 mei 2017;
de arresten in de zaak 200.225.811 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 januari 2019 en 1 oktober 2019.
Readen c.s. hebben tegen het arrest van het hof van 1 oktober 2019 beroep in cassatie ingesteld.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De zaak is voor Readen c.s. toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Readen c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
  • verwerpt het beroep;
  • veroordeelt Readen c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op
11 juni 2021.