Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
11 mei 2021.
Hoge Raad
In deze zaak stond een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepteelt centraal. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch had geoordeeld dat bij de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel moest worden uitgegaan van vier eerdere oogsten. Betrokkene stelde in cassatie dat er onvoldoende aanwijzingen waren dat hij zich vier keer eerder schuldig had gemaakt aan het telen van hennep.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van betrokkene beoordeeld en geoordeeld dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel van het hof nader te onderzoeken, omdat de vragen niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
Bij de uitspraak op 11 mei 2021 heeft de Hoge Raad het beroep verworpen, waarmee het hofarrest in stand bleef. De zaak betreft een belangrijke bevestiging van de beoordelingsvrijheid van het hof bij de schatting van wederrechtelijk verkregen voordeel in strafzaken.
Uitkomst: Het cassatieberoep is verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.