ECLI:NL:HR:2021:483

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 maart 2021
Publicatiedatum
26 maart 2021
Zaaknummer
20/01007
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie tegen arrest poging helikopterontsnapping uit gevangenis

De zaak betreft het cassatieberoep van een verdachte die ervan verdacht wordt te hebben geprobeerd een gedetineerde uit de gevangenis in Roermond te bevrijden met behulp van een helikopter. Het gerechtshof Amsterdam had de verdachte eerder veroordeeld wegens een begin van uitvoering van deze poging.

De Hoge Raad heeft het cassatiemiddel beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet leidt tot cassatie. De motieven voor deze beslissing zijn opgenomen in een gerelateerd arrest (ECLI:NL:HR:2021:389). Daarnaast heeft de Hoge Raad ook de overige klachten van de verdediging beoordeeld, maar deze waren eveneens onvoldoende voor vernietiging van het hofarrest.

Het arrest van de Hoge Raad is gewezen door een kamer bestaande uit een vice-president en vier raadsheren. Het beroep is verworpen, waarmee het hofarrest in stand blijft en de veroordeling van de verdachte definitief is. De uitspraak draagt bij aan de jurisprudentie over pogingen tot strafbare feiten en de beoordeling van het begin van uitvoering daarvan.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hofarrest dat de verdachte veroordeelde voor poging tot bevrijding met een helikopter blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer20/01007
Datum30 maart 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 6 maart 2020, nummer 23-004182-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.N. de Jonge, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsvrouw van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel komt onder meer op tegen het oordeel van het hof dat ter zake van het onder 2 primair tenlastegelegde sprake is van een begin van uitvoering van - kort gezegd - bevrijding van een gevangene.
2.2
Het cassatiemiddel leidt in zoverre niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak ECLI:NL:HR:2021:389.

3.Beoordeling van de cassatiemiddelen voor het overige

De Hoge Raad heeft ook de overige klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat ook deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma, A.L.J. van Strien, M.J. Borgers en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
30 maart 2021.