Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
21 december 2021.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van de klager tegen een beschikking van de rechtbank Limburg die een klaagschrift, ingediend op grond van artikel 552a Sv, heeft afgewezen. Het klaagschrift betrof beslag op diverse voorwerpen in het kader van een Europees onderzoekbevel van Duitse autoriteiten.
De advocaat van de klager heeft een cassatiemiddel voorgesteld, maar de advocaat-generaal concludeerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad heeft de klachten van de klager beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank.
De Hoge Raad heeft geen nadere motivering gegeven omdat het oordeel niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. De beschikking is uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 21 december 2021.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de afwijzing van het klaagschrift blijft in stand.