Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Bewezenverklaring en bewijsvoering
3.Beoordeling van het cassatiemiddel
4.Beslissing
26 mei 2020.
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 26 mei 2020 het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 12 april 2019 vernietigd en de zaak terugverwezen. De zaak betrof deelname aan een criminele organisatie en medeplegen van bedrijfsmatige hennepteelt in een pand te Amstenrade.
Het hof had bewezen verklaard dat verdachte betrokken was bij een criminele organisatie en bij de teelt van 672 moederhennepplanten en 16.611 hennepstekken, mede op basis van tapgesprekken en DNA-sporen. De verdediging voerde aan dat verdachte niet betrokken was bij de hennepplantage en dat hij zich had beroepen op zijn zwijgrecht.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof in strijd met artikel 359 lid 2 Sv Pro niet in het bijzonder had gemotiveerd waarom het was afgeweken van het ondubbelzinnig en onderbouwd standpunt van verdachte dat hij niet betrokken was bij de hennepteelt. Ook was de bewijsvoering onvoldoende gemotiveerd omdat de conclusies uit tapgesprekken niet waren voorzien van een zakelijke samenvatting. Daarnaast was het oordeel van het hof dat het zwijgrecht van verdachte meegewogen kon worden in het bewijsoordeel onbegrijpelijk gezien de verklaring die verdachte ter terechtzitting had afgelegd.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling en beslissing.
Uitkomst: Het arrest van het hof is vernietigd en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde berechting.