Uitspraak
wonende te [woonplaats],
1.Procesverloop
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
3.Beslissing
18 december 2020.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak heeft eiser beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen en arresten in de procedure bij lagere instanties. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat eiser niet-ontvankelijk moet worden verklaard vanwege procedurele tekortkomingen.
De procesinleiding is niet ingediend langs de voorgeschreven elektronische weg zoals vereist in artikel 30c lid 1 Rv. Daarnaast voldoet de procesinleiding niet aan artikel 407 lid 3 Rv Pro omdat daarin geen advocaat bij de Hoge Raad is aangewezen die eiser in cassatie zal vertegenwoordigen.
Hoewel deze tekortkomingen hersteld hadden kunnen worden door een nieuwe procesinleiding binnen twee weken, heeft eiser hiervan geen gebruik gemaakt. Daarom verklaart de Hoge Raad het cassatieberoep niet-ontvankelijk.
De uitspraak is gedaan op 18 december 2020 door de civiele kamer van de Hoge Raad, waarbij de raadsheren unaniem tot dit oordeel zijn gekomen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-elektronische indiening en ontbreken van een aangewezen advocaat.