ECLI:NL:HR:2020:2065
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belasting personenauto's en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag inzake een door haar betaalde belasting op personenauto's en motorrijwielen. Na behandeling van het cassatieberoep heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de aangevoerde middelen niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad heeft daarbij geen motivering gegeven, omdat beantwoording van de gestelde vragen niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
De procedure omvatte het indienen van een verweerschrift door de Staatssecretaris van Financiën en een conclusie van repliek door belanghebbende. De Hoge Raad heeft vervolgens het beroep in cassatie ongegrond verklaard en geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Het arrest is uitgesproken door de vice-president van de Hoge Raad, M.E. van Hilten, en de raadsheren E.N. Punt en P.M.F. van Loon op 18 december 2020. Hiermee blijft het oordeel van het Gerechtshof Den Haag in stand.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Den Haag blijft in stand.