ECLI:NL:HR:2020:2054
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingzaak personenauto's en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag inzake een door haar op aangifte voldaan bedrag aan belasting op personenauto's en motorrijwielen. Na behandeling van de middelen heeft de Hoge Raad geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de gronden van het oordeel te motiveren, omdat de zaak niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
De procedure omvatte het indienen van een verweerschrift door de Staatssecretaris van Financiën en een conclusie van repliek door belanghebbende. De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard en zag geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Het arrest werd uitgesproken door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, op 18 december 2020.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Den Haag blijft in stand.