ECLI:NL:HR:2019:1992

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 december 2019
Publicatiedatum
17 december 2019
Zaaknummer
19/00424
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 11a Opiumwet
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake voorhanden hebben van voorwerpen bestemd voor professionele hennepteelt

De verdachte werd door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor het voorhanden hebben van voorwerpen die bestemd waren voor de beroeps- of bedrijfsmatige teelt van hennep, in strijd met de Opiumwet. Tegen dit arrest stelde de verdachte cassatie in bij de Hoge Raad, waarbij hij betoogde dat het oordeel van het hof onjuist was.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De conclusie van de Advocaat-Generaal om het beroep te verwerpen werd gevolgd.

Uiteindelijk heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en het arrest van het hof bevestigd. Hiermee blijft de veroordeling van de verdachte voor het voorhanden hebben van de voorwerpen zoals bedoeld in de Opiumwet ongewijzigd.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor het voorhanden hebben van voorwerpen bestemd voor beroepsmatige hennepteelt.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer19/00424
Datum17 december 2019
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 23 mei 2018, nummer 21/004671-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972,
hierna: de verdachte.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
17 december 2019.