Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
- de verdachte op een in een woonwijk, bij een flatblok gelegen parkeerplaats meermalen met een vuurwapen heeft geschoten;
- in en nabij een Renault Clio een kogel en hulzen zijn aangetroffen die met het door de verdachte gebruikte wapen zijn verschoten;
- deze Renault Clio zich bevond haaks op de parkeervakken met de witte caravan en schuin tegenover de witte caravan;
- aan weerszijden van deze caravan zich drie mannen bevonden;
- de verdachte “een stukje verderop” stond ter hoogte van het tunneltje dat onder het flatblok loopt;
- een getuige heeft verklaard dat die mannen en de verdachte over en weer in elkaars richting schoten.
Op grond hiervan heeft het Hof kennelijk geoordeeld dat de verdachte zich op korte afstand van de andere mannen bevond en zodanig was gepositioneerd dat hij met het schieten in de richting van de Renault Clio ook in de richting van de andere mannen heeft geschoten en dat aldus de aanmerkelijke kans bestond dat hij (een van) deze personen zou raken in vitale delen met dodelijk gevolg, terwijl de verdachte door op deze wijze op de parkeerplaats te schieten, klaarblijkelijk bewust die aanmerkelijke kans heeft aanvaard. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk.
3.Beslissing
19 november 2019.