Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Procesverloop, bewezenverklaring en bewijsmiddelen
3.Beoordeling van het derde middel
4.Beoordeling van de overige middelen
5.Beslissing
1 oktober 2019.
Hoge Raad
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het opzettelijk buiten Nederland brengen van 1.447 kg amfetamine. De verdediging verzocht om het horen van 13 getuigen ter verduidelijking van de chain of custody en chain of evidence, vanwege onduidelijkheden over de lading, het gewicht en de registratie van het beslag.
Het hof wees dit verzoek af met toepassing van het noodzaakcriterium, oordelend dat de keten van bewijsvoering niet was doorbroken en het NFI-rapport als bewijs kon dienen. De verdediging stelde dat het hof een onjuiste maatstaf hanteerde en onvoldoende gemotiveerd had gewezen op het verdedigingsbelang.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof het verzoek tot het horen van getuigen onvoldoende heeft gemotiveerd, gelet op het belang van de verdediging en de aangevoerde onduidelijkheden. De Hoge Raad vernietigt daarom het bestreden arrest voor zover het de bewezenverklaring en strafoplegging betreft en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde behandeling. De overige middelen worden verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en wijst zaak terug wegens onvoldoende motivering afwijzing getuigenverzoek.